Analyse concept begroting 2016 – 2019 Gemeente Zaanstad

Artikel geplaatst op: 21 januari 2016

Brief aan college van de Gemeente Zaanstad. Evenals vorig jaar moeten wij bekennen dat de begroting 2016 -2019 samen met de bijlage inderdaad transparanter en beter leesbaar is geworden. Een compliment daarvoor aan het College en ambtenaren!

Dit strookt met wat wij enkele jaren gelden al schreven:
“Waar wij al enkele jaren voor pleiten is het transparanter maken van de begroting. Wij moeten ons realiseren dat niet alleen financieel deskundigen de stukken kunnen lezen maar dat ook minder geschoolden op dit gebied zich er een mening over moeten kunnen vormen”.

Al eerder hebben wij gezegd dat onze opmerkingen niet als negatieve kritiek moeten worden beschouwd. Dat is ook ons uitgangspunt van onderstaande opmerkingen.

In het voorwoord staat het volgende beschreven:
Het zou hier het College gepast hebben te vermelden dat, door het in de afgelopen jaren ter beschikking komen van 100 miljoen Euro vanuit de verkoop van de NUON aandelen, dit een aanzienlijke bijdrage heeft geleverd de begrotingen en realisaties in de afgelopen jaren in evenwicht te brengen. Daarbij zij ook vermeld dat van de oorspronkelijke bestemmingen van dit bedrag (€ 50 mio inlopen achterstand openbare ruimte en € 50 mio vermindering schuldpositie) niets terecht is gekomen. Een groot deel van dit geld is gebruikt voor het tot stand brengen van het gemeentehuis en de aanleg van Inverdan. De vraag kan gesteld worden wat deze investeringen aan nut en financieel voordeel voor de bewoners hebben gebracht. Bestaat de kans dat deze investeringen er in de toekomst toe leiden dat de woonkosten drastisch om laag gaan?

In het hoofdstuk Bestuurlijke hoofdlijnen staat het volgende beschreven:
Het is een eufemisme om te stellen dat de achterstanden in openbare ruimte zijn ingelopen. Integendeel, in het coalitie akkoord is juist opgenomen de achterstand te laten voor wat deze is.
Als uitgangspunt nemen wij de situatie in 2010 waar de achterstand op € 53 mio werd becijferd.
Ultimo 2014 was deze achterstand € 35,4 mio. Wij kunnen niet vaststellen dat deze achterstand in 2015 verder is ingelopen.
Wij lezen ook op blz.78 “Ten aanzien van de vervanging van de openbare ruimte worden de komende jaren geen onderhoudsachterstanden meer ingelopen”.
Wij hebben de indruk dat deze beleidswijziging is doorgevoerd om tot een sluitende begroting te komen. Of dit verstandig is geweest laten wij aan u ter beoordeling over maar zeker ook aan degenen die na u komen.
Er is sprake van woningbouw in het Oostzijderveld. Betreft dit het braakliggend gebied van voormalig VVZ of ook de velden van Hellas, TV de Gouw enz.? In dat verband vestigen wij de aandacht op de te verwachten leegstand van de brandweerkazerne daar, wat de inrichting van het gebied kan beïnvloeden. Ook op het Kan terrein, de Overtuinen en het NUON terrein zal een integraal onderzoek moeten plaats vinden naar de gevolgen van deze bouwverdichting voor alle verkeersstromen. Maar ook op het Westzanerwerf terrein zullen grote hoeveelheden nieuwe woningen een plaats vinden. Voor dit laatste project maken wij ons ernstig zorgen over de vorm van de huizen zoals deze in het meest recente bouwplan staat aangegeven; Zaanse identiteit en Westzaan onwaardig! Aangezien Parteon heeft aangegeven omstreeks 2020 te willen gaan bouwen is het nu zaak om naar een goede ontsluiting van dit gebied uit te kijken.

In de MIRT-verkenning Corridorstudie Amsterdam – Hoorn is sprake van de bouw van 300.000 woningen tot 2040 in de MRA. Daarbij wordt “met name rond het IJ en de Zaan” genoemd.
Een aspect waarmee bij alle infrastructurele plannen rekening moet worden gehouden.

(Blz. 8) Wij zijn verheugd de ambitie te zien om te zoeken naar een oplossing spoor en weg bij de Guisweg door middel van een ongelijkvloerse kruising.

(Blz. 9) Algemene uitkering en WWB
Wat hier opvalt, is dat de uitkering voor Huishoudelijke hulptoelage van € 1.500 in 2016 naar ZERO in volgende jaren terugvalt. Een zeer aanzienlijke korting.

(Blz. 11) Wij hebben groot respect voor de werkers die de transformatie soepel moeten doen verlopen. Fouten daarbij zijn niet uit te sluiten maar worden in het algemeen snel verholpen.
Het inzetten van sportverenigingen en het onderwijs voor preventieve acties is een grote doelstelling. De vraag is echter of dit haalbaar is, kan er tijd voor worden gevonden en welke tools zijn daarvoor beschikbaar. Ook is de vraag hoe het effect daarvan kan worden gemonitored.

(Blz. 12) De financiering van de sterke stijging van financiële middelen voor versterking van de frontlijn is onduidelijk.

(Blz. 13) Veel geld wordt gereserveerd voor integratie van mensen met een arbeidsbeperking. Wij menen dat hiervoor een landelijke subsidieregeling geldt. Deze vinden wij op deze plaats niet terug in de begroting.

Programma 01 Jeugd en Zorg (blz. 18 e.v.)
In dit programma vinden wij weinig of niets over het stimuleren van sport voor minder validen en minder draagkrachtigen. Wij menen dat de gemeente hier niet alleen sturend dient op te treden maar ook een financiële stimulans in takt moet laten.
Wij hebben de indruk dat de coördinatie tussen wijkteams en specialistische hulpverlening nog noet optimaal is. In andere gemeenten werkt men met een z.g. buitenste schil. Daarbij vindt op regelmatige basis overleg plaats tussen vertegenwoordigers van elk wijkteam en een vertegenwoordiging van specialisten.

(blz. 21) Het % mantelzorgers dat aangeeft zwaar belast te zijn zou in 2015 volgens die begroting drastisch dalen. De signalen vanuit het veld geven nog steeds een verhoging aan. Gevreesd moet worden dat ook de 2016 e.v. doelstelling niet haalbaar is.
Het al of niet doorverwijzen naar specialistische hulp door de wijkteams is een taak welke medische kennis vereist. Wij vrezen dat deze niet beschikbaar is binnen deze teams.

(blz. 26/27) In voorgaande analyses schreven wij dat in het verleden is gebleken dat toezicht op misbruik van PGB’s onvoldoende was. Hier ligt een taak met duidelijke doelen voor de wijkteams wat kan leiden tot meer financiële ruimte voor degenen die het echt nodig hebben.

(Blz. 28) Wij moeten ons afvragen of een daling van de lasten na 2016 reëel is. (€ 115232 in 2016 naar € 110.213 in 2017). In een vorige analyse schreven wij al:
Verder valt op dat bezuinigingen veelal na volgende jaren terug te vinden zijn en investeringen ook na dat jaar pas minder worden. Dit is een utopische gedachte die hierbij tot uitdrukking komt.
Dat doorschuiven zien wij nu opnieuw. € 5 mio minder is wel erg veel.

Programma 02 Werk, inkomen en economie (Blz. 29 e.v.)
(Blz. 33) 2.1 Prestatie-indicator.
Al eerder hebben wij onze twijfel uitgesproken over het nut van SROI. Zolang er geen goede methode gevonden is om kosten tegen opbrengst af te zetten blijft deze twijfel bestaan.
Het uitgangspunt is vanzelfsprekend een goede. De resultaten laten echter te wensen over. En hoeveel heeft Zaanstad méér betaald bij afsluiting van de contracten?

(Blz. 36) 2.3 Iets terug doen voor uitkering; 90%, van de uitkeringsgerechtigden waarmee afspraken zijn gemaakt, actief lijkt ons een zeer hoog percentage Objectief gezien kan dit niet juist zijn.

(Blz. 37) 3 Vangnet; Een toename van bijna 50% (2820 in 2012 tegen 4146 in 2016) vinden wij zorgelijk. Verder onderzoek naar oorzaken – en deze wegnemen – is op z’n plaats.

(Blz. 38) Fraude wordt binnen 6 maanden gesignaleerd = 100%; hoe is dit vastgesteld? Onwaarschijnlijk.
Tijdige afhandeling uitkeringsaanvragen verdient een compliment.

Programma 03 Maatschappelijke voorzieningen (Blz. 40 e.v.)
Eerder in deze begroting wordt gesproken over “aantrekkelijke stad voor iedereen”. De streefwaarde van 44e plaats uit 50 geeft deze ambitie onvoldoende weer.

(Blz. 41)
In het kader van het cultuurhuis lezen wij:
Daarmee kan de aantrekkelijkheid en aantrekkingskracht van de stad voor zowel bewoners als bezoekers/toeristen worden vergroot.
Voor zover ons bekend is het niet de bedoeling om een groot museum daar te vestigen. De andere activiteiten zijn voor het aller grootste deel gericht op de lokale bevolking. Van toename van bezoekers/toeristen mag in dit kader niet veel worden verwacht. Het is onjuist om dit als argument voor de bouw van her cultuurhuis te gebruiken. Onbekend is of de bewoners de wens voor het cultuurhuis hebben geuit.

(Blz. 43) Risico’s; de financiële voorbehouden die worden gemaakt voor het tot stand brengen van de Cultuurcluster zijn te zacht. Bijgevolg zijn risico’s en kosten onvoldoende beoordeeld en doorgerekend. Vaak wordt in dit verband gesproken over LCC-raming (Life cycle cost).

Eerder schreven wij: “Een op de grote hoop gooien van alle activiteiten met het etiket cultuur in een cultuurbedrijf maakt het individuele rendement ervan onduidelijk. Dat is een ongewenste situatie. Ook hier bezint eer ge begint. De activiteiten zijn dermate veelzijdig dat samenbundeling tot verspilling van geld en tijd leidt in een vergadermentaliteit”.
Verder maakten wij u attent op het risico van inbouw van een extra bestuurslaag met alle kosten van dien. Is hier goed over nagedacht? Met enige verdraaiing van woorden schreef u eerder“ dat het geheel meer is dan de som der delen”. Wij mogen toch aannemen dat hier niet meer geld wordt bedoeld.
(Blz. 43) Actief burgerschap; onze vereniging heeft deels slechte ervaringen met de wil van de gemeente om samen tot resultaten te komen. Ook de gemeenteraad stelt ons wat dit betreft nog wel eens teleur. Zo is het teleurstellend te zien dat hier Huttendorpen wel worden genoemd en Hart voor Stad ontbreekt.

(Blz. 44) Hier wordt gesproken over nieuw beleid om maatschappelijke initiatieven te stimuleren. Wat wordt daarmee bedoeld? Wij mogen aannemen dat hiermee niet uitsluitend het plaatsen van wipkippen wordt bedoeld maar ook b.v. de vorm waarin de cultuurlocaties worden gegoten.
Wij doen een oproep aan de wijkmanagers zich niet tegenover de bewoners op te stellen maar juist daarmee samenwerking te zoeken. Aan dit laatste moet flink gewerkt worden.

(Blz. 50) Sportvoorzieningen; welke is de reden dat hier de zeer uitgebreide nieuwe sportaccommodatie van AZ onder de naam AFAS sportcentrum ontbreekt?

Programma 04 Ruimtelijke ontwikkeling (Blz. 54 e.v.)
Hier een algemene toelichting. Het is van het grootste belang dat de nieuwbouw productie binnen Zaanstad drastisch toeneemt. De gemeente zal hier niet zelf de hijstelling ter hand kunnen nemen. Maar wel kan zoals eerder gezegd red tape uit de weg kunnen worden geruimd. Parteon heeft een prachtige verhouding eigen/vreemd vermogen en kan erop worden aangesproken energiek te werk te gaan. Zie ook wat wij qua locaties schreven bij “Bestuurlijke hoofdlijnen”.
Helaas is scheefwonen op basis van de huidige wetgeving niet goed tegen te gaan. Zowel binnen Zaanstad als richting Den Haag zal hier hard aan moeten worden gewerkt

(Blz. 65) 7.1 Bevorderen doorstroming. In de aanhef wordt niet gesproken over “leefbaarheid”. Zaanstad is als een spin in een net met draden van wegen en spoorwegen; veelal ten behoeve van passanten. Wij leggen er de nadruk op dat u als gekozenen en bestuurders in eerste instantie het belang van de bewoners voor ogen dient te hebben. Dit belang moet zich ook vertalen in gezondheid en leefbaarheid.

(Blz. 66) Bij het lijstje van activiteiten ontbreekt de plannen die er bestaan met de aansluiting A7 op de A8. Verder is de Zaan spoorbrug een grote belemmering voor het succes van Vaart in de Zaan.
Tot ons genoegen vernamen wij onlangs dat het Min. van Infrastructuur en Milieu een gelijksoortige gedachte koestert.

Programma 05 Milieu en duurzaamheid (Blz. 69 e.v.)
In dit kader zien wij dat niets meer wordt gezegd over het klimaat neutraal doel 2020. Wij hebben hier altijd al vraagtekens bijgezet. De beschrijving van het objectief is onduidelijk en om die reden heeft onze vereniging eerder een hardere omschrijving van de doelstelling gepubliceerd. Zie http://www.hartvoorstad.nl/hvs/index.php/hartvoorstad/artikel/hoe-wordt-klimaatneutraal-bereikt

(Blz. 71) Milieubelasting; Zaanstad heeft de neiging aan de lokale industrie hogere eisen te stellen dan BBT. Er moet voor worden gewaakt daarmee deze weg te sturen en van Zaanstad een slaapstad te maken.
Wij hebben er eerder de aandacht op gevestigd dat stil wegdek sneller slijt en daarmee een grotere producent van fijnstof is.

(Blz. 72) Scheiding van afval wordt steeds beter! Zaanstad loopt hier voorop!

Programma 06 Beheer buitenruimte (Blz. 75 e.v.)
(Blz. 78) Op pagina 1 van deze analyse schreven wij dat in 2010 de achterstand openbare ruimte op € 53 mio werd becijferd. Ultimo 2014 was deze achterstand € 35,4 mio. Dit is een situatie die op het bord van degenen die na u komen, wordt gelegd.

(Blz. 83) Het ZNMC doet zeer goed werk op een breed platform. Educatie aan jeugd is van groot belang voor het positief plaatsen daarvan in de maatschappij. De steun die de gemeente hieraan geeft juichen wij toe.

Programma 07 Veiligheid en handhaving (Blz. 86 e.v.)
(Blz. 87 en 88) Wij spreken onze twijfel erover uit of brandveiligheid in alle opzichten onder controle is. Een brand nabij een hoogspanningleiding kan veelal pas na afschakeling daarvan bestreden worden. Afschakeling kan tot 2 uur vergen. Onduidelijk is in hoeverre de afspraken in geval van een ernstige situatie in het Noordzeekanaal gebied voldoende op elkaar aansluiten.

Programma 08 Burger en bestuur (Blz. 93 e.v.)
(Blz. 94) De streefwaarde van 6,1 over het oordeel van inwoners over de interesse van de gemeente in de mening van burgers is volledig afwijkend van wat eerder over samenwerking wordt geschreven. De doelstelling zal zeker verhoogd moeten worden tot b.v. 8.
Wij hebben overigens veel lof voor de wijze waarop sinds enige tijd de gemeentelijke organisatie adequaat reageert op wensen van de burgers.

Programma 09 Financiën (Blz. 104 e.v.)
(Blz. 105) Het is de bedoeling om Zaanstad in 2016 niet meer de meest kostbare gemeente te doen worden. Onduidelijk is welke middelen daarvoor worden ingezet. Is het wellicht een idee om bij voorbeeld toch uit te zien naar een andere invulling van het gebouw dat voor het Cultuurcentrum is bestemd?
Ooit schreven wij:
De overheid is niet vrij van fouten (om het eufemistisch uit te drukken) en zou moeten trachten de burger meer bij de besluiten te betrekken. Als later blijkt dat het een verkeerd besluit was, is dat dan gezamenlijk genomen.

Wij mogen aannemen dat de huidige waardering van grond bezit en exploitatieverwachting de realiteit weergeeft; dit ondanks de te verwachten vernieuwing van de BBV.

(Blz.106) Wij zien niet duidelijk hoe de ranglijst woonlasten van de slechte positie 1 in 2016 naar positie 3 gebracht kan zijn zonder ingrijpende kosten reducties. In 2015 waren de posities:

GEMEENTE OZB REINIGING RIOOL       TOTAAL %
1 Zaanstad € 260,- 280,- 280,- 820,- 100
2 Delft € 258,- 328,- 207,- 793,-   97
3 Haarlem € 267,- 354,- 157,- 778,-   95

De huidige financiële begroting laat deze daling van woonlasten met minimaal € 42,- niet zien.

Welke van de deelnemingen waarin Zaanstad participeert moeten als “overheidsdeelneming” worden beschouwd? Dit in verband met de heffing van vennootschapbelasting.

3.1 BEDRIJFSVOERING
Een lang artikel waaruit blijkt hoe gecompliceerd een overheidsorgaan feitelijk moet functioneren. Wij hebben begrip voor de problemen die zich daarbij voordoen.

(Blz. 117) Wat opvalt, is dat het ziekteverzuim bij commerciële organisaties omstreeks 4% is terwijl dit bij de overheid 5% is (Zaanstad 5,1%)
.
(Blz. 118) Op het gebied van externe inhuur valt nog te werken aan een beter inzicht. Binnen de gemeenteraad is in voorgaande jaren vaak over het terugbrengen van het aandeel inhuur gesproken.
Duidelijk is dat om diverse redenen inhuur altijd een deel van de totale salariskosten zal blijven uitmaken. De cijfers die op deze bladzijde worden getoond – ondanks de toelichting - zijn niets zeggend.

Volgorde van rapportering. Wij hebben complimenten geuit over de wijze van rapportage. Waarom in de financiële verslaglegging bij belastingopbrengsten (Blz. 121) plotseling op een andere volgorde van jaren wordt overgegaan is ons een raadsel.

(Blz. 124) Het benchmark overzicht is onduidelijk. Er staan rode lijnen en stippellijnen waarvan het doel niet wordt toegelicht. Zodoende een nietszeggend lijstje.

(Blz. 127) Het gebruik van derivaten is beperkt tot 20% van de leningenportefeuille. Gezien het zeer lage niveau van de bankrente is te overwegen dit percentage tijdelijk te verhogen. Ook valt te overwegen kort lopende leningen naar vermogen om te zetten in lang lopende.

(Blz. 136) Weerstandscapaciteit; een ratio van 1,7 is een goed cijfer. Wel moet in acht worden genomen dat daarbij de NUON verkoop een grote rol heeft gespeeld.

(Blz. 137) Voor het eerst in jaren is er geen noodzaak om de ARG vanuit de algemene reserve aan te vullen. Een mooi resultaat!

(Blz. 139) Netto schuldquote; gesproken wordt over een hoog investeringsvolume in de komende jaren. Wij meenden juist dat, gezien het zo goed als gereed komen van Inverdan, de investeringen in onze gemeente juist zouden afnemen.

(Blz. 140) De hoge schuldpositie (EV/VV) wordt volgens wat wij hier lezen veroorzaakt door besluiten van de gemeenteraad; dit kunnen ook verkeerde keuzes zijn. Overigens verkeert Zaanstad wat schuld per bewoner betreft nog niet in de top. Desondanks adviseren wij de Raad nogmaals de voorziene investeringen onder de loep te nemen en voorrang te geven aan investeringen die in het belang zijn van de bewoners.
Overigens dient een wijziging van de afschrijvingsmethodiek volgens art. 212 Gemeentewet de goedkeuring te hebben van de gemeenteraad.

(Blz. 141) In de grafiek “Solvabiliteitsratio” zien wij hier duidelijk de invloed van de NUON deal. Ook hier weer een aanleiding om de voorziene investeringen nogmaals serieus onder de loep te nemen en de burgers bij de besluitvorming te betrekken.
Wij zijn het niet geheel eens met dat wat wordt geschreven over het schuiven in reserves (van algemene reserve naar bestemmingsreserve). Dit verandert de eigen vermogen quote niet!
Hier wordt ook gesproken over “het flexibel maken van de begroting”. Wij huiveren bij dit begrip en nemen aan dat de Raad hier nauwgezet toezicht op houdt en vaststelt of dit wel in lijn is met de Gemeentewet.

(Blz. 142) De waarden genoemd bij grondexploitatie fluctueren sterk. Onduidelijk is wat de oorzaak daarvan is. Zijn aan/verkoop of afwaarderingen hiervan de oorzaak?
Het rendement van de grondexploitaties laat veel te wensen over. In 2016 wordt een totale bate verwacht van € 443.994 (is dit na aftrek van lasten?) bij een kapitaalwaarde van ruim 33 miljoen.
Hoe ziet dit plaatje er nadien uit? Is dit exclusief exploitatie commercieel onroerend goed (gebouwen)?

(Blz. 143) De verhouding lasten/baten wijzigt in 2016 drastisch. Bij gevolg stijgt de structurele exploitatieruimte met 8,1%. Een toelichting zou hier op z’n plaats zijn geweest.
Voor zover ons bekend zijn de woonlasten landelijk voor 2016 nog niet bekend. De daling van de relatieve woonlasten in Zaanstad kan daardoor niet worden berekend en is het aangeboden cijfer oncontroleerbaar.

(Blz. 146) Plannen met de openbare ruimte worden hier toegelicht. Een gedetailleerd onderzoek om kosten te verhalen in het kader van de vervuiler betaalt is hier op z’n plaats.
In de afgelopen jaren zijn inkoopvoordelen behaald. Zijn dit veel of weinig voordelen? Een opstelling daarvan ontbreekt.

(Blz. 148) Onderhoud schoolgebouwen; Eerder schreven wij:
Wij achten het overdragen van onderhoud- en renovatiewerkzaamheden aan schoolbesturen voor volstrekt onacceptabel. Terwijl overal wordt gesproken over centralisatie om gebruik te kunnen maken van specialistische kennis zou hier een zeer belangrijk aspect van goed en gezond onderwijs ondergebracht worden bij organisaties die daarvoor minder geschikt zijn.
Behoort dit ook niet meer tot de kerntaken van een gemeente?
Wij weten dat dit landelijk beleid is waarvan wij vrezen dat dit over enige tijd weer vanwege de resultaten daarvan zal worden teruggedraaid. Bovendien vormt deze methodiek een van de grote belastingen die ten koste gaan van de directe onderwijstaak van scholen.

3.6 Verbonden partijen
(Blz. 154) Baanstede is een blijvend hot onderwerp. Opnieuw lezen wij “Dat zorgt voor vertraging”. Ons voorstel is om in het kader van een “worst case scenario” de gevolgen van een uitstappen te onderzoeken.

(Blz. 159) Al langer is er een probleem met het vullen van de meldkamer. Nu wordt gemeld dat deze in 2016 geheel ontruimd wordt. Het is zaak hiervoor in deze begroting een voorziening te maken en proactief naar vulling uit te zien.

(Blz. 171) RON Op deze bladzijde lezen wij een zin die ons intrigeert. Namelijk wat hier wordt gezegd over woningbouw. Is dit een hint richting woningbouw in dit gebied?

(Blz. 189) Stichting Marketing Zaanstreek. Out of the box denken kan ertoe leiden dat andere vormen van publiciteit worden aangeboord. Reclame op kruispunten, adoptie van klaslokalen en gehele scholen, lichtbak reclame op overheidsgebouwen. Zoals het nu functioneert blijft succes uit en is het een doodlopende weg. De website straalt niets uit.

4. Financiële begroting
(Blz. 217) Wij menen dat een deel van de financiële steun die van het rijk wordt ontvangen geoormerkt is. Een specificatie daarvan zou meer duidelijkheid verschaffen.

Algemeen
In deze analyse worden regelmatig vragen gesteld waar wij het antwoord niet op kennen. Ze zijn het waard om te vinden. Wij zouden het op prijs stellen deze antwoorden van deze of gene partij te mogen ontvangen.

Het zou nuttig zijn om weer een lijst van afkortingen toe te voegen, zoals eerder ook het geval was.

De afwezigheid van papieren financiële verslagleggingen stelt ons voor grote problemen bij het opstellen van goede analyses.

Met vriendelijke groeten,
Vereniging Hart voor Stad
Namens werkgroep Finance

Jan van der Wardt voorzitter   Will Evers secretaris